Spring naar inhoud

Analyse

2.1 Type informatie

Type informatie algemeen

We hebben de respondenten gevraagd wat voor informatie zij vooral zoeken als zij informatie willen hebben over de wijk (zie Figuur 5). Bij deze vraag was het mogelijk om meerdere antwoorden te geven. Respondenten zoeken voornamelijk naar informatie over activiteiten in de wijk (57%). Daaropvolgend zoeken relatief veel respondenten (46%) naar informatie over de wijkvernieuwing. Verder zoekt 15% van de respondenten naar informatie over toeslagen of financiële ondersteuning.  geeft Tenslotte geeft 21% aan niet naar informatie over de wijk te zoeken.

 We hebben deze vraag uitgesplitst op buurtniveau. Welke informatie respondenten uit Beijum-Oost en -West zoeken, komt in grote lijnen overeen. Respondenten uit Beijum-West zoeken iets vaker naar informatie over de wijkvernieuwing (56%) dan respondenten uit Beijum-Oost (48%). Respondenten uit Beijum-Oost (19%) zoeken juist iets vaker naar informatie over toeslagen of financiële ondersteuning dan respondenten uit Beijum-West (12%).

Figuur 5 - Als je op zoek bent naar informatie over de wijk, waar ben je dan vooral naar op zoek? (n=403)*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  %
Informatie over activiteiten in de wijk (wat is er te doen?) (n=228) 57
Informatie over de wijkvernieuwing (Beijum Bruist!) (n=187) 46
Informatie over organisaties die actief zijn in de wijk (n=126) 31
Ik zoek eigenlijk niet naar informatie over de wijk (n=86) 21
Informatie over toeslagen of financiële ondersteuning (n=59) 15
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Type informatie naar leeftijd

Verschillende bewonersgroepen hebben verschillende behoeftes. Bewoners in verschillende leeftijdsgroepen zoeken daarom mogelijk naar verschillende soorten informatie over de wijk. Figuur 6 laat zien naar welk type informatie respondenten uit verschillende leeftijdsgroepen op zoek zijn. Respondenten in oudere leeftijdsgroepen (40+ jaar) zoeken relatief iets vaker naar informatie over activiteiten in de wijk (≥61%) ten opzichte van de twee jongere leeftijdscategorieën (16-26 jaar 40%, 27-39 jaar 45%). Ouderen (75+ jaar) zijn daarnaast vaker op zoek naar informatie over de wijkvernieuwing (65%) ten opzichte van de andere leeftijdsgroepen (≤48%). Opvallend is dat jongeren tussen de 16 en 26 jaar vaker zoeken naar informatie over toeslagen of financiële ondersteuning (25%) dan respondenten in oudere groepen (≤16%).

Figuur 6 - Als je op zoek bent naar informatie over de wijk, waar ben je dan vooral naar op zoek?*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Informatie over activiteiten in
de wijk (wat is er te doen?) (n=176)
40 45 63 61 65
Informatie over de wijkvernieuwing
(Beijum Bruist!) (n=148)
40 48 48 45 65
Informatie over organisaties die actief
zijn in de wijk (n=99)
30 22 31 41 39
Informatie over toeslagen of financiële
ondersteuning (n=67)
25 16 12 16 13
Ik zoek eigenlijk niet naar informatie
over de wijk (n=45)
25 31 19 20 17
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Type activiteiten

Aan de respondenten die op zoek zijn naar informatie over activiteiten in de wijk hebben we gevraagd welke informatie ze precies zoeken. Ze konden hierbij meerdere activiteiten aangeven. Algemene activiteiten in de wijk wordt door het merendeel van de respondenten genoemd (79%). Informatie specifiek over sportactiviteiten in de wijk wordt door ongeveer de helft van de respondenten gezocht (44%). Grofweg een derde van de respondenten zoekt naar informatie over creatieve activiteiten (36%) en activiteiten voor kinderen (30%). Relatief weinig respondenten zoeken naar hoe ze zelf een activiteit op kunnen zetten (10%).

 In figuur 7 hebben we de gegevens uitgesplitst op leeftijd. De categorie “Hoe ik zelf activiteiten kan opzetten” is weggelaten uit deze figuur omdat er te weinig respondenten in deze categorie zitten (n=14). We zien dat jongeren relatief vaker zoeken naar sportactiviteiten en denksport/spelactiviteiten dan respondenten in oudere leeftijdscategorieën. Informatie over activiteiten voor kinderen wordt vaker gezocht door respondenten tussen 27 en 39 jaar. 

Type activiteiten

Aan de respondenten die op zoek gaan naar informatie over activiteiten in de wijk hebben we gevraagd naar wat voor informatie ze precies zoeken (zie Figuur 8). Ze konden hierbij meerdere soorten activiteiten aangeven. Algemene activiteiten in de wijk wordt door het merendeel van de respondenten genoemd (80%). Creatieve activiteiten, muziekactiviteiten, denk- en spelactiviteiten en activiteiten voor kind(eren) worden telkens door ongeveer een kwart van deze respondenten genoemd als activiteit waar ze naar zoeken. Relatief weinig respondenten zoeken naar hoe ze zelf een activiteit op kunnen zetten (9%).

Figuur 7 - Wat voor informatie zoek je over activiteiten? (uitgesplitst op leeftijd)*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Algemene activiteiten in de wijk (zoals een
festival, Burendag of de kerstmarkt)(n=140)
88 86 87 69 87
Sportactiviteiten (zoals yoga, fit op muziek,
loopgroep/beweegroute, dansen of een sportschool)(n=80)
62 45 47 47 40
Creatieve activiteiten (zoals schilderen,
naaien of boetseren)(n=63)
38 31 30 49 40
Denksport/spelactiviteiten (zoals sjoelen,
bridgen, klaverjassen of bingo)(n=37)
50 17 19 20 33
Muziekactiviteiten (n=36) 25 3 24 27 20
Activiteiten voor mijn kind(eren) (n=53) 25 72 41 2 0
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

2.2 Communicatiekanalen

Communicatiekanalen algemeen

Om te begrijpen via welke kanalen de bewoners van De Wijert op zoek gaan naar informatie, hebben we de volgende vraag gesteld aan de respondenten: ‘Als je op zoek bent naar informatie over de wijk, waar ga je zoeken?’ Hierbij konden meerdere antwoorden worden geselecteerd. Het merendeel van de respondenten (79%) geeft aan online te zoeken naar informatie over hun buurt. Traditionele papieren bronnen, zoals de wijkkrant en flyers, worden eveneens door een aanzienlijk deel geraadpleegd (47%). Informatie over de wijk wordt minder vaak verkregen via sociale netwerken, slechts 19% van de respondenten noemt deze. Slechts een kleine groep (10%) zoekt helemaal geen informatie over de wijk op.

 In Figuur 8 zijn de antwoorden op deze vraag opgesplitst naar leeftijdsgroep. Online informatie wordt ongeveer evenveel gezocht door de verschillende leeftijdsgroepen. Bij de papieren informatiebronnen valt het op dat relatief jonge respondenten tussen de 16 en 39 jaar hier duidelijk minder gebruik van maken (≤30%) dan oudere respondenten (≥45%). Het gebruik van papieren informatiebronnen stijgt bij hogere leeftijdsgroepen. De antwoordcategorie ‘’Via anderen’’ duidt op sociale netwerken van respondenten. Hierbij zien we dat ten opzichte van de andere leeftijdsgroepen een groot aandeel van de jongeren informatie zoekt via sociale netwerken. 

Figuur 8 - Als je op zoek bent naar informatie over de wijk, waar zoek je dan?*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Online (n=239) 85 77 82 70 83
Via papieren informatie
over de wijk (n=143)
30 27 45 59 83
Via anderen (n=56) 40 11 21 13 22
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Online communicatiekanalen

In de komende paragrafen gaan we dieper in op de manieren waarop respondenten informatie zoeken, waarbij we specifiek kijken naar de communicatiekanalen die worden gebruikt om informatie over de wijk te verspreiden. Deze gegevens splitsen we uit op leeftijdsgroepen, om inzicht te krijgen in welke communicatiekanalen door de verschillende leeftijdsgroepen worden gebruikt. We beginnen met de online communicatiekanalen.

 De website en/of sociale media van gemeente Groningen en de website van het Bewonersplatform Beijum worden bijna evenveel gebruikt om informatie te zoeken over de wijk. Bij deze communicatiekanalen is een omgekeerd patroon te zien. De website en/of sociale media van de gemeente is met name populair onder de respondenten tussen de 16 en 26 jaar (76%) en respondenten tussen de 27 en 39 jaar (78%) (Figuur 9). Oudere respondenten gebruiken dit kanaal relatief minder. Bij de website van het Bewonersplatform Beijum is juist te zien dat dit kanaal voornamelijk wordt gebruikt door oudere respondenten in oudere leeftijdsgroepen. Hetzelfde patroon is te herkennen bij de website van de wijkkrant de Beijumer. Deze website wordt ook relatief vaak gebruikt om te zoeken naar informatie over de wijk. 

Figuur 9 - Als je online op zoek gaat naar informatie over de wijk, waar kijk je dan? (n=239)*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
De website en/of social media van
de Gemeente Groningen (n=122)
76 78 36 47 47
De website van het Bewonersplatform
Beijum (n=119)
29 43 52 53 68
De website van wijkkkrant de
Beijumer (n=91)
12 35 36 47 53
Sociale media zoals Instagram of X
(eerder Twitter) (n=41)
35 33 18 4 0
Nieuwsbrief Oost
(gemeentelijke nieuwsbrief)
6 6 21 39 42
Voor Beijum door Beijum
(Facebook-groep) (n=48)
18 16 27 12 21
Sociale long/Ontmoetend verbinden
(Facebook-groep) (n=33)
18 8 18 14 5
Acitviteiten Beijum

(Facebook-groep) (n=26)
12 4 13 11 16
Beijum TV (op YouTube) (n=15) 6 0 5 11 16
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Gedrukte communicatiekanalen

In deze paragraaf kijken we naar welke gedrukte communicatiemiddelen worden gebruikt door respondenten (Figuur 10). Wijkkrant “De Beijumer” wordt het meest gelezen van de uitgevraagde gedrukte communicatiekanalen (91%). De wijkgids (34%), flyers en posters in de wijk (45%) en de gezinsbode (43%) worden ongeveer even vaak gebruikt door respondenten om informatie te zoeken over de wijk. Dit is echter aanzienlijk minder de wijkkrant. De wijkgids wordt relatief veel door ouderen van 75 jaar en ouder gelezen (79%). Flyers en posters worden relatief meer gezien en gelezen door respondenten in de leeftijdsgroep van 27-39 jaar (71%) en 40-64 jaar (53%).

Figuur 10 - Als je op papier op zoekt gaat naar informatie over Beijum, waar kijk je dan? (n=143)*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Wijkkrant De Beijumer (n=133) 67 94 89 98 100
De wijkgids van Beijum (n=52) 33 18 26 38 79
Fylers/posters in de wijk (n=63) 33 71 53 33 26
De Gezinsbode (n=62) 17 35 45 44 53
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Sociale communicatiekanalen

Een praatje met de buurvrouw, familiebezoek of een andere sociale aangelegenheid. Je sociale netwerk kan een bron van informatie zijn over wat er speelt in de wijk. Daarom vroegen we aan de respondenten ‘Als je via bewoners op zoek gaat naar informatie over de wijk, bij wie is dat dan?’  De resultaten hiervan worden weergegeven in Figuur 11. Allereerst blijkt uit de totaalcijfers dat sociale netwerken minder geraadpleegd worden dan online en gedrukte. Omdat het aantal antwoorden per categorie relatief laag is, laat Figuur 11 totaalcijfers voor de categorieën zien in plaats van uitsplitsingen op leeftijd. 

 Van de respondenten die aangeven dat ze informatie over de wijk via hun sociale netwerk krijgen, geeft 74% dat ze dat te horen krijgen via buren of iemand anders uit hun heerd. Familie en vrienden worden daarna het meest geraadpleegd (43%). Medewerkers van bewoners- of vrijwilligersorganisaties worden bijna evenveel geraadpleegd (39%) als familie en vrienden. Respondenten gebruiken professionele bewonersorganisaties (18%) en buurt-Whatsappgroepen (14%) relatief weinig om informatie over de wijk te zoeken.

Figuur 11 - Als je via bewoners op zoek gaat naar informatie over Beijum, bij wie is dat dan? (n=72)*

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  %
Buren/iemand uit mijn heerd (n=53) 74
Familie / vrienden (n=31) 43
Iemand van een bewoners- of
vrijwilligersorganisatie (n=28)
39
Iemand van een professionele organisatie (bijvoorbeeld
WIJ Beijum, WerkPro of de gemeente)(n=13)
18
Een buurt-Whatsappgroep (n=10) 14
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

Sociale interactie in de wijk

Om beter te begrijpen hoe informatie wordt verspreid binnen een buurt of wijk, is het relevant om inzicht te hebben in hoe vaak bewoners contact hebben met buren en/of mensen uit hun heerd. Contact is niet gespecificeerd in de vraagstelling. Dit kan dus zo simpel zijn als het groeten van je buren of een klein praatje maken, maar ook uitgebreider contact zoals je buren bezoeken. Ongeveer de helft van de respondenten (45%) geeft aan dagelijks contact te hebben, 39% geeft aan dat dit wekelijks te hebben (zie Figuur 12). Slechts een klein gedeelte van de respondenten (16%) heeft maandelijks, jaarlijks of bijna nooit contact met hun buren. Wat betreft andere bewoners uit Beijum (niet directe buren) is te zien het contact in alle categorieën minder frequent is. Een groter aandeel geeft dan ook aan (bijna) nooit contact te hebben met andere bewoners uit Beijum (17%). 

Figuur 12 - Hoe vaak heb je contact met….

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  Dagelijks Wekelijks Maandelijks Een aantal keer per jaar (Bijna) nooit
Je buren en/of mensen uit je heerd (n=358) 45 39 6 5 5
Andere bewoners uit Beijum (n=357) 27 32 12 12 17

De antwoorden op deze twee vragen hebben we vervolgens uitgesplitst op de verschillende heerden in Beijum (Tabel 1). Heerd Fossema is niet meegenomen vanwege een laag te laag aantal respondenten. Als we kijken naar contact met buren zien we een vergelijkbaar beeld bij de verschillende heerden. Respondenten uit de verschillende heerden hebben relatief vaak minstens één keer per week contact met buren (tussen 82% en 88%). Heerd Hiddema is hierop een uitzondering. In heerd Hiddema heeft bijna driekwart (73%) vaak contact met buren. In het contact met andere bewoners uit Beijum zijn de antwoorden meer verspreid over de categorieën. In heerd Clarema hebben de meeste respondenten minstens één keer per week contact met andere bewoners (76%). Respondenten uit heerd Hiddema hebben relatief weinig contact met andere bewoners uit Beijum. Hier geeft ruim de helft (54%) van de respondenten aan dat ze slechts een aantal keer per jaar of nooit contact hebben met andere bewoners.

Tabel 1 – Hoe vaak heb je contact met… (uitgesplitst op heerd)

  Buren Andere bewoners
Heerd Dagelijks/ wekelijks Maandelijks Een aantal keer per jaar/ (bijna) nooit Dagelijks/ wekelijks Maandelijks Een aantal keer per jaar/ (bijna) nooit
Bunnema (n=43) 82% 9% 9% 48% 16% 36%
Clarema (n=38) 87% 5% 8% 76% 8% 16%
Fossema (n=8) .* .* .* .* .* .*
Hiddema (n=46) 73% 9% 18% 37% 9% 54%
Isebrandt (n=16) 88% 6% 6% 56% 6% 38%
Scheltema (n=47) 87% 11% 2% 62% 20% 18%
Stoepema (n=23) 87% 5% 8% 45% 12% 43%
Wien (n=37) 84% 6% 10% 61% 6% 33%

Communicatiemiddelen in Beijum

In een volgende vraag gingen we dieper in op een aantal communicatiemiddelen in Beijum. We vroegen respondenten in welke mate ze hiervan gebruik maken (Figuur 13). De Beijumer is de meest bekende en het meest gebruikte communicatiemiddel. Twee derde van de respondenten leest af en toe of vaker de Beijumer. De website beijum.nl is daarnaast relatief bekend bij respondenten. Bijna de helft van de respondenten (49%) geeft aan af en toe of vaker de website te bezoeken.

 De overige communicatiemiddelen zijn grofweg bekend bij de helft van de respondenten. Het gebruik varieert. De Nieuwsbrief Oost wordt door ongeveer 40% af en toe of vaker gelezen. Daarna wordt het blog van Johan Fehrmann en de Facebookpagina “Voor Beijum door Beijum” door ongeveer een derde van de respondenten af en toe of vaker bekeken. Beijum TV en Activiteiten Beijum zijn de meest onbekende communicatiemiddelen en worden dan ook het minst gebruikt. 

Figuur 13 - Kun je aangeven of je wel eens gebruik maakt van de volgende communicatiemiddelen?

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  Ik maak er vaak gebruik van Ik maar er af en toe gebruik van Ik ken het van naam, maar maak er geen gebruik van Ik ken het niet
De Beijumer (n=371) 36 30 21 13
Nieuwsbrief Oost (gemeentelijke nieuwsbrief) (n=365) 21 16 15 48
www.beijum.nl (n=365) 14 35 27 24
Voor Beijum door Beijum (Facebook-pagina) (n=358) 8 20 24 48
Acitiviteiten Beijum (Facebook-pagina) (n=360) 6 12 26 56
BeijumTV (op YouTube) (n=356) 3 9 29 59
Bofg van Johan Fehrmann (Beijumnieuws) (n=358) 13 17 21 49

Gebruik sociale media algemeen

Voor een doelgerichte communicatiecampagne kan het interessant zijn om te weten welke sociale media worden gebruikt in de wijk. We vroegen daarom aan respondenten welke sociale zij gebruiken Bijna alle respondenten gebruiken Whatsapp (89%). YouTube (60%), Facebook (56%) en Instagram (50%) worden daarna respectievelijk het meest gebruikt. Weinig respondenten gebruiken geen sociale media (4%) en Nextdoor wordt door geen één respondent gebruikt.

 Wanneer onderscheid wordt gemaakt naar leeftijd valt op dat Instagram aanzienlijk populairder is onder jonge respondenten ten opzichte van oudere leeftijdsgroepen (Figuur 14). Van de jongeren die de vraag heeft ingevuld gebruikt 90% Instagram, terwijl maar 22% van de ouderen van 75 jaar en ouder dit sociale mediakanaal gebruikt. Facebook wordt daarentegen juist meer gebruikt door leeftijdsgroepen boven de 27 jaar. Slechts 35% van de respondenten van 16-26 jaar gebruikt nog Facebook ten opzicht van ongeveer 60% in leeftijdsgroepen boven de 27 jaar.

Figuur 14 - Welke sociale media kanalen gebruik je?

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Whatsapp (n=278) 100 94 93 83 87
YouTube (n=184) 80 64 62 56 35
Facebook (n=175) 35 59 62 52 61
Instagram (n=155) 90 77 50 29 22
LinkedInn (n=119) 40 56 46 24 4
X (voorheen Twitter) (n=56) 25 27 20 11 4
Ik gebruik geen sociale media (n=9) 0 2 3 5  
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

2.3 Gebruik maatschappelijke voorzieningen

Beijum heeft een veelvoud aan maatschappelijke voorzieningen. Maar hoe groot is het bereik van de maatschappelijke voorzieningen? Om hier inzicht in te krijgen vroegen we daarom aan respondenten of zij de verschillende organisaties kennen en er gebruik van maken (Figuur 15). Bij deze vraag hoeft een laag bereik niet perse als negatief te worden geïnterpreteerd. Sommige maatschappelijke voorzieningen zijn gericht op een kleinere doelgroep dan andere. De school en kinderopvang worden waarschijnlijk alleen bezocht door huishoudens met kinderen en PKN de Bron wordt waarschijnlijk voornamelijk bezocht door mensen met christelijke achtergrond. 

Figuur 15 - Kun je aangeven of je wel eens gebruik maakt van de volgende voorzieningen in de wijk?

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  Ik maak er vaak gebruik van Ik maar er af en toe gebruik van Ik ken het van naam, maar maak er geen gebruik van Ik ken het niet
Het winkelcentrum in West (n=369) 82 15 3 0
Gezondheidscentrum (n=361) 28 39 29 4
WIJ Beijum (n=353) 8 22 59 11
PKN de Bron (n=347) 3 10 68 19
Amkemakoepel (n=350) 1 7 58 34
Wijkcentrum Trefpunt (n=364) 18 32 45 5
Wijkcentrum Heerdenhoes (n=364) 16 28 48 8
Forumbibliotheek (n=362) 26 30 38 6
De Kringloop van WerkPro en/of
Beijum in Bedrijf (eerder Smeltkroes) (n=365)
16 38 36 11
Stadsboerderij de Wiershoeck (n=363) 17 35 38 10
School (n=336) 16 4 73 7
Kinderopvang (n=340) 11 4 77 8
Sportorganisatie(s) (n=346) 10 16 58 16

De verschillende uitgevraagde voorzieningen zijn bekend bij het overgrote deel van de respondenten (±90%). De Bron en de Amkemakoepel zijn onbekender bij een deel van de respondenten, hiervan heeft respectievelijk 18% en 32% aangegeven de voorziening niet te kennen. Het winkelcentrum en gezondheidscentrum worden door een groot deel van de respondent bezocht. Wijkcentra Trefpunt en Heerdenhoes zijn ongeveer even bekend en worden bijna even vaak bezocht door respondenten. Stadsboerderij Wiershoeck, de Forumbibliotheek en de Kringloop van Werkpro hebben een vergelijkbaar bekendheids- en bezoekerspatroon. Ongeveer de helft van de respondenten komt hier af en toe of vaker en ze zijn bekend bij bijna alle respondenten.

 In figuur 16 splitsen we de gegevens uit op leeftijdsgroep. Hierbij is een selectie gemaakt van respondenten die de verschillende voorzieningen vaak of af en toe gebruiken. We zien hier dat het gezondheidscentrum vaker door respondenten uit oudere leeftijdsgroepen word bezocht. Dit geldt ook voor Stadsboerderij de Wiershoeck. De Forumbibliotheek wordt door respondenten uit de verschillende leeftijdsgroepen bijna evenveel bezocht. De wijkcentra (Trefpunt en Heerdenhoes) worden relatief iets vaker bezocht door oudere respondenten.

Figuur 16 - Kun je aangeven of je wel eens gebruik maakt van de volgende voorzieningen in de wijk? Uitgesplitst op leeftijdsgroep. (Amkemakoepel en PKN de Bron zijn weggelaten vanwege een te lage respons bij deze categorieën)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  16-26 jaar 27-39 jaar 40-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar e.o.
Het winkelcentrum in West (n=296) 95 97 96 99 100
Gezondheidscentrum (n=204) 30 56 72 72 87
De Kringloop van WerkPro en/of Beijum
in Bedrijf (eerder Smeltkroes) (n=164)
35 51 56 56 57
Stadsboerderij de Wiershoeck (n=163) 25 38 58 61 70
Forumbibliotheek (n=162) 50 51 58 48 57
Wijkcentrum Trefpunt (n=145) 30 44 53 46 48
Wijkcentrum Heerdenhoes (n=130) 30 40 40 48 57
WIJ Beijum (n=89) 35 27 27 27 48
Sportorganisatie(s) (n=74) 35 33 22 16 30
School (n=56) 5 33 27 2 0
Kinderopvang (n=40) 0 27 20 0 0
*Meerdere antwoorden mogelijk, waardoor de percentages optellen tot meer dan 100%

2.4 Communicatie algemeen

Informatievoorziening

Met een drietal stellingen probeerden we inzicht te krijgen in hoeverre de informatievoorzieningen te begrijpen is voor bewoners (Figuur 17).

 We begonnen met een stelling over de begrijpelijkheid van de taal in de wijkinformatie. Een overgrote meerderheid (96%) vindt dat er niet veel moeilijke woorden worden gebruikt in de communicatie. Daarnaast geven bijna evenveel respondenten (94%) bij de tweede stelling aan dat ze de wijkinformatie goed kunnen begrijpen. Hieruit is af te leiden dat voor het gros van de respondenten de communicatie over het algemeen duidelijk en goed te begrijpen is.

 De derde stelling gaat over in welke taal respondenten informatie zouden willen krijgen. Bijna alle respondenten (95%) geven aan geen behoefte te hebben aan informatie over de wijk in een andere taal dan het Nederlands. Het is echter waarschijnlijk dat bewoners die geen Nederlands begrijpen ook niet hebben deelgenomen aan de enquête, omdat deze alleen in het Nederlands is aangeboden. Hierdoor konden deze bewoners niet aangeven dat ze behoefte hebben aan informatie in een andere taal.

Het overige deel van de respondenten (5%) geeft aan wel behoefte te hebben aan een andere taal. Van de 15 respondenten geeft grootste gedeelte aan dat ze graag informatie in het Engels zouden willen ontvangen. Surinaams, Spaans en Arabisch worden een enkele keer genoemd. 

Figuur 17 - Ben je het eens of oneens met de volgende uitspraken:

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  Oneens Eens
Als ik informatie over de wijk lees, dan vind
ik dat er veel moeilijke woorden in staan. (n=335)
96 4
Als ik informatie over de wijk lees,
dan kan ik het goed begrijpen. (n=345)
6 94
Ik heb behoefte aan informatie over de wijk
in een andere taal dan het Nederlands. (n=325)
95 5

Tevredenheid informatievoorziening

We vroegen tot slot hoe tevreden respondenten over het algemeen zijn over de informatie in Beijum. Respondenten geven de informatievoorziening in de wijk gemiddeld een 7.3.

 Als we het cijfer voor de informatievoorziening uitsplitsen op leeftijd (Tabel 1) zien we dat de informatievoorzieningen anders wordt beoordeeld door verschillende leeftijdsgroepen. Hogere leeftijdsgroepen geven gemiddeld een hoger cijfer dan jongeren. Dit suggereert dat ouderen positiever zijn over de informatievoorziening dan jongeren. Ondanks dat de gemiddelde cijfers niet veel afwijken is dit een mogelijk aanknopingspunt voor het aanscherpen van de communicatie voor jongeren. Er zit geen verschil in hoe de informatievoorziening wordt beoordeeld tussen bewoners van Beijum-Oost en Beijum-West.

Tabel 2 – gemiddelde cijfer voor informatievoorziening in Beijum naar leeftijdsgroep

  Gemiddelde cijfer
16-26 jaar 7.1
27-39 jaar 7.3
40-64 jaar 7.3
65-74 jaar 7.4
75 jaar e.o. 7.5