Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Inleiding

Inleiding (titel verborgen)

Aanleiding

Onderzoek, Informatie en Statistiek Groningen (OIS Groningen) stelt jaarlijks bevolkingsprognoses op voor de gemeente Groningen en haar wijken. Deze prognoses vormen een belangrijke basis voor beleidsontwikkeling op onder andere het gebied van wonen, onderwijs, infrastructuur en voorzieningen.

In dit rapport wordt uitgegaan van de huidige gemeentelijke indeling van de gemeente Groningen. Cijfers die betrekking hebben op jaren voor 2019 zijn met terugwerkende kracht samengesteld voor dit grondgebied.

Op verzoek van de kerngroep Basismonitor van de gemeente Groningen is naast de bevolkingsprognose ook een huishoudensprognose opgesteld. Dit rapport presenteert de resultaten van de bevolkingsprognose voor de periode 2025 tot en met 2045 op gemeentelijk- en wijkniveau, uitgesplitst naar leeftijd en geslacht. Daarnaast bevat het rapport een overzicht van de belangrijkste uitkomsten van de huishoudensprognose voor dezelfde periode.

Werkwijze

Voor de bevolkingsprognose gebruiken we het Gemeentelijke Bevolking Prognosemodel (GBPro-model)1. We schatten eerst de trends in de demografische factoren geboorte, sterfte en migratie, waarbij migratie verder is onderverdeeld in binnenlandse en buitenlandse migratie. Deze trends zijn gebaseerd op gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP) over de periode 2015 tot en met 2024 en dienen als uitgangspunt voor de aannames die ten grondslag liggen aan de gemeentelijke prognose.

We hebben het verwachte inwoneraantal van de gemeente Groningen bepaald op basis van geboorte, sterfte en migratie: het aantal inwoners op 1 januari neemt toe door geboortes en vestiging en neemt af door sterfte en vertrek (zowel binnenlands als buitenlands). Als uitgangspunt is de bevolking op 1 januari 2025 genomen. Vanuit dit basisjaar is de bevolkingsomvang per 1 januari van elk volgend jaar berekend, waarbij 2026 het eerste prognosejaar is en de prognoseperiode in totaal 20 jaar omvat.

De bevolkingsprognoses worden ook beïnvloed door aannames over de woningbouw, vanwege de impact die dit heeft op korte-afstandsverhuizingen (de Jong, te Riele, Huisman, van Duin, Husby en Stoeldraijer, 2022). Nieuwe woningbouw leidt doorgaans tot een toename van het aantal mensen dat zich in de gemeente vestigt. Naast demografische factoren worden daarom ook schattingen van de woningvoorraad meegenomen in de prognose. Deze gegevens zijn afkomstig uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en de woningbouwplanning van juni 2025.

Met het GBPro-model voorspellen we de ontwikkelingen in de huishoudensdynamiek op basis van trendanalyses over de periode 2015 tot en met 2024.

Het Gemeentelijke Bevolking Prognosemodel (GBPro-model) werd oorspronkelijk ontwikkeld door Pronexus B.V., dat inmiddels is aangesloten bij Exxellence Groep.

Drie scenario’s woningbouwprogramma’s

Bevolkingsprognoses worden gekenmerkt door onzekerheden over hoe een bevolking zich in de toekomst kan ontwikkelen. Om deze onzekerheden in beeld te brengen, hebben wij scenario’s doorberekend (Jong en Hilderink, 2004). OIS Groningen heeft drie scenario's doorgerekend voor de bevolkingsontwikkeling, gebaseerd op de verwachte groei van de woningvoorraad voor de komende 20 jaar: scenario 70 procent, scenario 100 procent en scenario 130 procent.

In scenario 70 procent gaan wij uit van een beleidsmatige inschatting van een toename van 23.646 woningen tot 2044. Voor scenario 100 procent wordt een toename van 26.343 woningen aangenomen, terwijl in scenario 130 procent een toename van 27.966 woningen wordt ingeschat. Deze scenario’s verschillen dus in de inschatting van de ontwikkeling van de woningvoorraad, waarmee de bevolkingsontwikkeling in de gemeente Groningen kan variëren richting 2045.

Kenmerkend voor de woningbouwplanning is dat deze kan verschuiven of wijzigen door factoren zoals toenemende bouwkosten en de aanwezigheid van 'zachte' plannen (i.e. woningbouwprojecten die nog niet zijn opgenomen in een bestemmingsplan). Deze onzekerheden kunnen de woningbouwontwikkeling beïnvloeden, wat gevolgen kan hebben voor het voldoen aan de woningbehoefte in de toekomst. Op basis van beleidsmatige aannames over de woningbouwplanning en de prognose wordt scenario 100 procent als het meest waarschijnlijke beschouwd. In dit rapport presenteren wij de resultaten van scenario 100 procent dan ook in detail.

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 bespreekt de aannames die we hebben gemaakt voor de uitvoering van de huidige prognoses. In hoofdstuk 3 presenteren we de belangrijkste resultaten van de bevolkingsprognose voor de periode 2025 tot en met 2045 op gemeentelijk niveau, aangevuld met gedetailleerde cijfers naar leeftijd en geslacht. Hoofdstuk 4 behandelt de bevolkingsprognose op wijkniveau. In hoofdstuk 5 geven we een overzicht van de uitkomsten van de huishoudensprognose. Tot slot vatten we de belangrijkste bevindingen samen en trekken we conclusies in hoofdstuk 6.